DELEN
heel je kind

Pamela channelt Jeshua (voor meer info over Jeshua zie Inleiding enWie is Jeshua)

 De kosmische oorsprong

Lichtwerkers zijn zielen die een sterk verlangen ervaren om licht (liefde, inzicht, vrijheid) te verspreiden op aarde. Zij beschouwen dit als hun roeping. Lichtwerkers voelen zich van nature sterk aangetrokken tot spiritualiteit en tot een vorm van hulpverlening.

Krachtens deze innerlijk gevoelde roeping ervaren lichtwerkers vaak dat zij anders zijn dan anderen. Het leven daagt hen door allerlei obstakels uit hun eigen, individuele vorm te vinden. Lichtwerkers zijn of worden bijna altijd solisten, die niet passen in vaste maatschappelijke structuren.

Het begrip ‘lichtwerker’ kan misverstanden oproepen, omdat het een bepaalde groep zielen onderscheidt van de rest. Het kan aanleiding geven tot het misverstand dat deze groep zielen op één of andere manier superieur is aan anderen, degenen die ‘niet voor het licht werken’. Deze gedachtelijn is misplaatst en geheel in strijd met het wezen van lichtwerk. Laten we kort aanstippen waarom.

Ten eerste zijn superioriteitsclaims, hoe subtiel ook, erg onverlicht. Het gevoel dat je beter of verder bent, weerhoudt je ervan te groeien naar een open en liefhebbend bewustzijn. Ten tweede zijn lichtwerkers niet ‘beter’ of ‘hoger’ dan wie dan ook. Zij hebben wel een andere achtergrond dan degenen die niet tot deze groep behoren. Het gaat hier om een bepaalde geschiedenis, die we verderop zullen bespreken, en die ertoe heeft geleid dat zij over bepaalde psychologische kenmerken beschikken die hen als groep onderscheiden. Ten derde wordt elke ziel op een gegeven moment in z’n ontwikkeling een lichtwerker, dus de term ‘lichtwerker’ is niet van toepassing op een beperkte groep zielen.

De reden dat we het begrip ‘lichtwerker’ gebruiken, ondanks de misplaatste associaties die het kan oproepen, is dat het herinneringen in je losmaakt die je weer doen beseffen wie je bent. Het is een woord dat iets oproept in je, iets dat zuiver en waarachtig is. En er is ook een praktisch aspect, want deze term is jullie allen bekend en ze wordt regelmatig gebezigd in de spirituele literatuur.

Kenmerken van lichtwerkers

Lichtwerkers dragen de potentie in zich van een snellere spirituele ontwikkeling dan de gemiddelde mens op aarde. Er broeden als het ware kiemen in hen, die de belofte in zich hebben van een krachtig en snel ontwaken. Hierdoor kunnen zij een innerlijk spoor volgen, dat voor hun naasten soms onnavolgbaar is.

Dit is niet zo omdat zij betere of hogere zielen zijn; het is een gevolg van het feit dat zij vertrekken van een ander uitgangspunt. Lichtwerkers zijn ouder dan de meeste zielen die momenteel op aarde geïncarneerd zijn. Dit ouder zijn moet je liever niet opvatten in termen van tijd, maar meer in termen van ervaring.

Lichtwerkers beschikken al over een bepaalde graad van bewustwording, vóórdat zij op aarde incarneren en met hun missie van start gaan. Zij dompelen zich bewust onder in het rad van karma en alle vormen van verwarring en illusie die daarmee gepaard gaan. Zij doen dit om de ervaring van het op aarde zijn ten volle te leren begrijpen. Alleen op die manier kunnen zij hun werk gaan doen. Alleen door zelf alle stadia van onwetendheid te doorleven en van zich af te werpen, kunnen zij uiteindelijk anderen van dienst zijn in het bereiken van zelfliefde, innerlijke rust en waarachtig geluk.

Waarom doen lichtwerkers dit voor de mensheid en lopen zij daarbij het risico voor lange tijd zelf ten onder te gaan in de zwaarte en de massieve illusies van de aardesfeer? Dit is een vraag die we hieronder uitgebreid zullen behandelen. Het heeft te maken met hun galactisch karma. Lichtwerkers stonden aan de vooravond van de geboorte van de mensheid. Zij waren medescheppers van de mens in zijn huidige vorm. In dit scheppingsproces hebben zij keuzes gemaakt en handelwijzen gevolgd, die zij later diep betreurden en wilden rechtzetten.

Voordat wij hierop dieper ingaan, zullen we eerst een opsomming geven van karaktertrekken die lichtwerkers onderscheiden van andere mensen. Deze karaktertrekken zijn op zich genomen niet uniek voor lichtwerkers, en niet alle lichtwerkers zullen zich in al deze kenmerken herkennen. We willen slechts een beeld schetsen, of zo je wilt een sfeer, zodat het type van de lichtwerker duidelijker uit de verf komt. Uiterlijke gedragingen zijn daarbij van minder belang dan de innerlijke motivatie. Wat je van binnen voelt, is doorslaggevend

Kenmerken van lichtwerkers:

  • Ze voelen zich van jongs af aan anders, en vaak ook buitengesloten, eenzaam en onbegrepen. Als ze ouder zijn, worden ze vaak (noodgedwongen) individualisten die hun eigen, niet gebaande paden moeten vinden.
  • Vaak kunnen ze binnen bestaande organisatiestructuren en banen hun draai niet vinden. Lichtwerkers hebben van nature een anti-autoritair temperament: zij verzetten zich tegen waarden of regels die louter gebaseerd zijn op macht of hiërarchie. Deze anti-autoritaire trek is sterk aanwezig ook al zijn ze nog zo timide en bescheiden. Het is dan ook verbonden met het wezen van hun roeping.
  • Ze voelen zich aangetrokken tot een vorm van hulpverlening, bijvoorbeeld een beroep als therapeut, arts of onderwijzer. Ook al ligt hun werk of beroep op een ander terrein, de drang tot hulpverlening is innerlijk duidelijk aanwezig.
  • Ze hebben een spiritueel levensbesef en dragen bewuste of onbewuste herinneringen met zich mee aan de niet-aardse lichtsferen waaruit ze komen. Ze kunnen heimwee daarnaar voelen, zich een vreemde voelen in de aardse werkelijkheid.
  • Ze hebben een natuurlijk respect voor het leven, dat zich vertaalt in liefde voor dieren en zorg voor het milieu. De agressie die er is ten opzichte van het dieren- en plantenrijk op aarde stemt hen droevig en kan hen zeer diep raken.
  • Ze zijn zachtmoedig, gevoelig en invoelend. Ze kunnen moeite hebben met het omgaan met agressie en het opkomen voor zichzelf. Kunnen dromerig of zweverig of zeer idealistisch zijn, en onvoldoende geaard. Omdat ze gemakkelijk (negatieve) emoties van anderen oppikken, is het belangrijk voor hen dat ze zich regelmatig kunnen terugtrekken, zodat ze het contact met zichzelf kunnen herstellen.
  • Ze hebben vele levens geleefd op aarde die in het teken stonden van spiritualiteit en godsdienst. Ze waren rijkelijk vertegenwoordigd in de talrijke religieuze ordes van jullie verleden, als monnik, non, kluizenaar, heks, sjamaan, medicijnvrouw of priester(es). Binnen wereldse gemeenschappen waren zij degenen die de brug sloegen tussen de aardse wereld en de wereld aan gene zijde. Zij werden hierom vaak afgewezen en vervolgd. Velen van jullie zijn op de brandstapel geëindigd om de vermogens die jullie bezaten. De trauma’s van vervolging hebben in jullie ziel diepe sporen achter gelaten.

Valkuilen voor lichtwerkers

light-greenLichtwerkers kunnen in precies dezelfde stadia van onwetendheid of illusie verkeren als alle andere mensen. Weliswaar beschikken zij over een andere uitgangspositie en geeft hen dat een potentie tot snellere bewustwording, maar deze potentie kan door vele factoren worden geblokkeerd.

Eén van de redenen hiervoor is dat juist lichtwerkers een vrij zware karmische last op hun schouders hebben genomen, waardoor zij gedurende lange tijd het spoor bijster kunnen zijn. Deze zware karmische last heeft te maken met beslissingen die zij in het verleden hebben genomen ten aanzien van de mens en die zij ongedaan willen maken door hier op aarde te herstellen wat zij kapot hebben gemaakt. (Zie volgende paragraaf) Alle lichtwerkers die nu leven zijn bezig heel oude misvattingen en wonden in hun ziel te helen. Dit kan ervoor zorgen dat zij tot op de bodem moeten gaan, voordat zij het licht zien.

Als lichtwerkers hun persoonlijke helingsproces grotendeels hebben voltooid, en zichzelf hebben teruggevonden als het lichtwezen dat ze zijn, kunnen ze anderen begeleiden bij het vinden van hun ware, liefdevolle zelf. Maar het hervinden van het ware zelf is een proces dat zij eerst in zichzelf moeten doormaken. Dit vergt in het algemeen een groot doorzettingsvermogen en innerlijke vastbeslotenheid.

Door de oordelen en normen die hen door opvoeding en maatschappij werden bijgebracht, zijn vele lichtwerkers zelf ook het spoor bijster geraakt en bevinden ze zich in een toestand van zelfontkenning, ernstige zelftwijfel en soms ook hopeloosheid en depressie. Dit omdat zij zich niet kunnen aanpassen aan de bestaande orde en zichzelf daarom veroordelen. Zij onderwaarderen zichzelf, hun eigen lichtkern, en moeten leren die te waarderen en koesteren, onafhankelijk van de waardering en erkenning van de buitenwereld. Wanneer zij werkelijk vertrouwen op hun intuïtie en gaan leven volgens hun innerlijke weten, zullen zij zich bevrijden en tot werkelijke zelfexpressie komen. Een deel van die zelfexpressie zal bestaan in het bevorderen van spirituele groeiprocessen in de wereld om hen heen.

De ontwikkeling van het zieleleven op aarde

lightLichtwerkers zijn zielen die ver voor de geboorte van de aarde en de mensheid tot bewustzijn kwamen.

Zielen komen in golven tot bewustzijn. Zielen zijn in bepaalde zin eeuwig, in een andere zin niet. Hoewel de energie in een ziel deel uitmaakt van de ene goddelijke substantie en in die zin eeuwig is, kan je toch zeggen dat een ziel op een bepaald moment geboren wordt, namelijk wanneer er een elementaire vorm van ik-bewustzijn optreedt.

Er is sprake van een ik-bewustzijn als een energie zich gaat afbakenen ten opzichte van andere energieën. Het is heel moeilijk aan te geven waarom het bewustzijn van ‘ik’ en ‘ander’ op een gegeven moment optreedt.

Stel je een oceaan voor, een enorm geheel van in elkaar overvloeiende energieën. Stel je voor dat er eerst een diffuus bewustzijn heerst, gelijkmatig verdeeld over de oceaan. Na verloop van ‘tijd’ ontstaat er reliëf: op de ene plaats is er een hogere concentratie van bewustzijn dan op de andere. Deze differentiatie neemt toe, en stel je voor dat temidden van het water opeens transparante vormen ontstaan, die zich zelfstandig voortbewegen en zich hebben afgebakend van de rest van de oceaan.

Deze vormen bevatten een kern van bewustzijn, die een hogere concentratie had dan haar omgevingsenergie. Er was een verschil met de omgeving. Het meer geconcentreerde geheel van energieën ging op gegeven moment de energieën in ‘zijn’ conglomeraat als eigen herkennen, terwijl het andere energieën ging ervaren als ‘buiten’ of ‘niet-eigen’. Dit is de geboorte van een rudimentair ik-bewustzijn of zelfbewustzijn.

Waardoor nam de concentratie in bepaalde delen van de oceaan meer toe dan in andere? Dat is lastig uit te leggen. Kun je voelen dat er wel iets heel natuurlijks in dit proces zit? Als je zaadjes uitstrooit op een lapje grond, groeien ook niet alle plantjes even snel of even ver uit. Je gaat al snel reliëf zien in de wijze van groei en bloei. De voedingsbodem draagt op de ene plek meer vrucht dan de andere. De goddelijke energie (de energie van de gehele oceaan) zoekt op intuïtieve wijze naar de meest optimale groeiomstandigheden.

Tijdens de vorming van individuele energieconcentraties in ‘de oceaan’ (Godsubstantie) zijn er krachten die (schijnbaar) van buitenaf inwerken op de oceaan. Je kunt het zien als lichtstralen, of, in onze vorige analogie verdergaand, zonnestralen die het lapje aarde verwarmen en tot leven brengen. Deze stralen vormen de kracht van de goddelijke inspiratie. Je kunt deze ook het mannelijke aspect van de goddelijke energie noemen, terwijl de oceaan het ontvankelijke, vrouwelijke aspect vertegenwoordigt. De mannelijke energie stimuleert de differentiatie en afscheiding in individuele bewustzijnseenheden.

De oceaan en de lichtstralen tezamen vormen een wezen of entiteit die je een aartsengel kan noemen. Het is een archetypische energie met zowel een mannelijk als een vrouwelijk aspect. En het is een engelenergie, in die zin dat ze heel dicht staat bij de oerbron, het zuivere, pure zijn. We zullen in het laatste hoofdstuk van dit deel dieper ingaan op het begrip aartsengel.

lichtwerkersNadat de ziel is geboren als een individuele bewustzijnseenheid, verlaat zij geleidelijk aan het oceanische bewustzijn dat haar thuis is geweest. Zij wordt zich er steeds meer van bewust dat ze op zichzelf staat als aparte eenheid. Er ontstaat voor het eerst een gevoel van verlies of tekort in haar. Zij voelt een bepaald gemis, alsof zij graag ergens toe zou willen behoren. Dit is het gemis van de bewustzijnstoestand die voorafging aan haar geboorte, een halfbewuste, extatische eenheidsroes, die zij zich vaag herinnert. Het vertegenwoordigde een toestand van volledige geborgenheid en vloeibaarheid.

Met deze herinnering ‘in haar achterhoofd’, gaat de ziel op reis. Kenmerkend voor een pasgeboren ziel is dat zij de innerlijke drang voelt te onderzoeken en te ervaren. Dit was wat er ontbrak in de eenheidstoestand. Er was toen geen reden om op zoek te gaan. De ziel is nu in staat alles vrijelijk te onderzoeken. Ze is vrij om langs alle mogelijke manieren haar heelheid terug te vinden.

Hoe de ziel exploreert en ervaring opdoet is jullie in wezen wel bekend. Jullie ervaren het zelf in jullie eigen leven en je kunt je misschien voorstellen dat er talloze vormen, werelden en dimensies zijn waarin je als ziel tijdelijk je intrek kunt nemen om te ervaren hoe het daar is. De aarde is één mogelijk exploratieterrein.

Lichtwerkerzielen hebben voor hun eerste incarnatie op aarde al vele levens geleid in andere dimensies of realiteiten. Dit in tegenstelling tot ‘aardezielen’, zoals we ze hier even zullen noemen. Aardezielen zijn zielen die in een relatief vroeg stadium van hun ontwikkeling incarneerden in aardse lichamen. Zij startten hun cyclus van levens op aarde in hun jeugd, zogezegd. Lichtwerkers kwamen op aarde toen zij al ‘volwassenen’ waren (zie volgende paragrafen voor extra toelichting). Zij hadden toen al vele ervaringen opgedaan en de relatie die zij hadden ten opzichte van de aardezielen was er één die lijkt op de ouder-kind relatie.

De ontwikkeling van het zieleleven op aarde

De biologische ontwikkeling van het leven op aarde (de evolutie van het leven) is diep verbonden met de spirituele ontwikkeling en zelfexpressie van de aardezielen. Hoewel geen enkele ziel gebonden is aan één bepaalde planeet, kun je toch zeggen dat de aardezielen de oorspronkelijke bewoners zijn van planeet aarde. Dit is omdat zij een groot deel van hun ontwikkeling hier op aarde vorm hebben gegeven. Hun bewustzijnsgroei valt samen met de ontwikkeling van de diverse levensvormen op aarde. Lichtwerkers zijn van oorsprong geen aardezielen.

De aardezielen verkeerden in het beginstadium van hun ontwikkeling, toen zij voor het eerst op aarde incarneerden. Nadat zij werden geboren als transparante bewustzijnsvormen met een rudimentair ik-bewustzijn, incarneerden zij in de materiële vorm die het beste bij hun bewustzijn paste: het ééncellige wezen. Naarmate deze zielen zich verder ontwikkelden, ervaringen opdeden en die integreerden in hun bewustzijn, hadden zij behoefte aan complexere fysieke uitdrukkingsvormen. Zo ontstonden er complexere organismen op de aarde, die voldeden aan de innerlijke verlangens van deze zielen. Zelfs in deze rudimentaire vorm zie je dus dat bewustzijn scheppend is. Vanuit een innerlijk gevoelde behoefte creëert bewustzijn vormen in de fysieke wereld, die het helpen zichzelf te ervaren en uit te drukken.

lichtwerkers-strandDe wezenlijke dynamiek achter het proces van evolutie – de ontwikkeling van het leven naar steeds complexere organismen – ligt dus op bewustzijnsniveau. De evolutietheorie zoals die door Darwin is geformuleerd, geeft een correcte weergave van de ontwikkeling van die fysieke vormen, maar biedt geen plaats aan de wezenlijke motor achter de evolutie van deze vormen. Die ligt op bewustzijnsniveau. Achter elke ontwikkeling op materieel niveau ligt een bewustzijnsverandering ten grondslag.

De vorming van nieuwe organismen en het bewonen ervan door zielen is één groot bewustzijnsexperiment. Daarin ligt niet vast dat de evolutie een bepaalde lijn volgt. Noch stond van te voren vast welke vormen precies geschapen zouden worden. Bewustzijn is vrij en experimenteel en vooral ook avontuurlijk. Er is geen God achter de schermen die alles dirigeert en alles al weet. God is zelf bezig zich te ontwikkelen en – net als jullie – bezig steeds nieuwe aspecten in zichzelf te ontdekken.

De meeste zielen die voor het eerst op aarde incarneerden, verkeerden in het beginstadium van hun ontwikkeling. De gang van een elementair ik-bewustzijn, dat we beschreven als de geboorte van de ziel, naar een bewust individueel en scheppend bewustzijn zoals jullie dat zijn, is een buitengewoon lang proces (in jullie termen). Je kunt het op een bepaalde manier vergelijken met de ontwikkeling van een eencellig organisme tot de mens. Deze vergelijking is in meerdere opzichten toepasselijk. Niet alleen om de enormiteit van het proces te illustreren, maar ook omdat er een parallel is tussen de ontwikkeling van de ziel en de ontwikkeling van fysieke uitdrukkingsvormen. De ontwikkeling van (materiële) vormen houdt gelijke tred met de ontwikkeling (collectief) van de ziel. Naarmate de ziel in haar uitingen complexer wordt, krijgt zij behoefte aan rijkere uitdrukkingsmogelijkheden. Een eencellig organisme volstaat dan niet meer. De materiële vorm en de innerlijke ontwikkeling gaan dus hand in hand en werken steeds op elkaar in.

Dit wil niet zeggen dat de aardezielen geïncarneerd zijn geweest in alle dierlijke vormen voordat ze als mens ten tonele verschenen. Het ontwikkelingsproces van de ziel is niet zo gestructureerd als jullie vaak denken. Het is veel grilliger en avontuurlijker dan jullie vermoeden. Jullie hebben zelf de hand in wat jullie ervaren. Er is geen God die je iets voorschrijft. Dus als je plotseling zin hebt om te ervaren wat het betekent om als aap te leven, kan je zomaar in een apenlichaam terechtkomen, bij je geboorte of als tijdelijke bezoeker.

Jullie proberen als zielen van alles uit; je hebt die drang tot exploratie van je geboorte af meegekregen. Sommige zielen specialiseren zich al gauw in het leven in bepaalde vormen. Anderen proberen van alles uit; de generalisten zou je die kunnen noemen. Al in een vroeg stadium van de ziele-ontwikkeling tekent zich een bepaalde individualiteit en uniciteit af in een ziel. Er zijn bepaalde belangstellingen of voorkeuren in elke ziel aanwezig, die haar onderscheiden van andere zielen. Gemeenschappelijk voor alle zielen is, dat zij op hun weg steeds meer ervaring opdoen, en dat zij geleidelijk aan vormen (lichamen) nodig hebben die daaraan tegemoet komen. Lichamen, die over voldoende complexiteit beschikken qua zintuiglijke en fysieke vermogens om uit te drukken wat er innerlijk leeft in dat bewustzijn.

Binnen dit grote experiment van levensvormen, was de komst van de mens een nieuwe stap in de ontwikkeling van het zielebewustzijn op aarde. Voordat we hierop dieper ingaan, zullen we eerst het begrip ‘zieleleeftijd’ toelichten en daarin enkele fasen onderscheiden.

De groei van de ziel: jeugd, volwassenheid en ouderdom

hearme_imageAls we de ontwikkeling van het zielebewustzijn bekijken vanaf haar geboorte als individu, zijn er grofweg drie leeftijdsfasen te onderscheiden. Deze fasen treden op, onafhankelijk van de specifieke incarnatievormen die een ziel uitkiest (op aarde leven of ergens anders). De leeftijdsfasen zijn:

  • jeugd: de fase van onschuld (paradijs)
  • volwassenheid: de fase van het ego (‘zonde’)

  • ouderdom: de fase van ‘tweede onschuld’ (verlichting)

Nadat zielen geboren worden als individuele bewustzijnseenheden, verlaten zij de oceanische eenheidstoestand en nemen daarvan de herinnering mee aan totale liefde en geborgenheid. Zij gaan dan op pad om hun nieuwe realiteit ten volle te verkennen. Zij worden zich langzamerhand meer bewust van zichzelf en hun uniciteit ten opzichte van hun medereizigers. In dit stadium zijn de zielen zeer gevoelig en ontvankelijk, zoals een jong kind dat de wereld open tegemoet treedt, vol onschuld en nieuwsgierigheid.

Dit stadium zou je paradijselijk kunnen noemen, omdat de ervaring van eenheid en veiligheid nog vers in het geheugen ligt van de net geboren zielen. Ze zijn nog niet ver van huis; zij twijfelen nog niet aan hun goddelijke herkomst, hun vanzelfsprekend recht om te zijn die ze zijn.

Als zij hun reis vervolgen, verbleekt de herinnering aan thuis, terwijl de zielen allerlei ervaringen opdoen. In de kindertijd is alles nieuw en wordt alles onkritisch geabsorbeerd. Er treedt een nieuwe fase op, zodra de jonge ziel zichzelf gaat ervaren als het centrum van zijn wereld. Ze gaat zich dan werkelijk bewust worden van de tegenstelling ‘ik’ en ‘de ander’. Ze gaat experimenteren met manieren waarop zij als ‘ik’ haar omgeving kan beïnvloeden.

Het hele idee dat je iets kunt doen wat echt alleen van jou uit komt, is nieuw. Voorheen was er niet veel meer dan een passief in je opnemen van wat er op je afkomt (aan ervaringen). Nu groeit er een besef in de ziel van haar eigen invloed en macht, haar vermogen om dingen naar haar eigen hand te zetten. Dit is het begin van de fase van het ego.

Het ego is oorspronkelijk niets anders dan het vermogen om je wil te gebruiken om de buitenwereld te beïnvloeden. De oorspronkelijke rol van het ego is geen andere dan het in staat stellen van de ziel om zichzelf als afgescheiden, aparte eenheid te ervaren. Dit is een natuurlijke en positieve ontwikkeling van het zielebewustzijn. Er is niets intrinsiek slecht aan het ego.

Wel is het zo dat het ego ernaar neigt zich uit te breiden en zelfs agressieve vormen aan te nemen. Toen de jeugdige ziel ontdekte dat zij het vermogen had haar omgeving te beïnvloeden, werd zij verliefd op het ego. Diep van binnen zit er een pijn in de groeiende ziel. Er zit een herinnering aan thuis die aanvoelt als de herinnering aan een verloren paradijs. Het ego lijkt in zich de belofte te dragen van een antwoord op die pijn, dat heimwee. Het ego belooft je dat je greep krijgt op de dingen. Het ego vergiftigt de jonge ziel met de illusie van macht.

Als er ooit een zondeval was, dan was het dit: het jonge zielebewustzijn dat bevangen raakte door de mogelijkheden van het ego, door de belofte van macht. Het doel van de geboorte als individuele zielen was echter om alles te ervaren en te onderzoeken, het paradijs zowel als de hel, onschuld zowel als ‘zonde’. In die zin was er dus geen ‘val uit het paradijs’, geen ‘zondeval’ en geen ‘foute keuze’. Jij draagt geen schuld, tenzij je dat zelf gelooft.

Als de jonge ziel volwassen wordt, treedt er een verschuiving op naar een ‘ik-gecentreerde’ manier van kijken en ervaren. De illusie van macht bevordert het onderscheid tussen zielen, in plaats van de eenheid of verbondenheid tussen hen. Hierdoor ontstaat er een zekere eenzaamheid en vervreemding in de ziel. Hoewel ze zich hiervan niet geheel bewust is, wordt de ziel een vechter, een strijder om macht. Macht lijkt in die fase het enige te zijn dat de ziel geruststelt – voor even.

Wij hebben hierboven een derde leeftijdsfase onderscheiden in de ontwikkeling van het zielebewustzijn: de ouderdom, de periode van verlichting of ‘tweede onschuld’. Over deze fase en met name de overgang van volwassenheid naar ouderdom, zullen wij uitgebreid spreken in hoofdstuk 3 (Van ego naar hart). We zullen nu terugkeren naar ons verhaal over de ontwikkeling van de aardezielen. Het verschijnen van de mens op aarde hangt sterk samen met de groei naar volwassenheid van de aardezielen, en hun kennismaking met de energie van het ego.

( Dit stuk is in “tweeën geknipt”. Deel II vind je hier )

© Pamela Kribbe  www.pamela-kribbe.nl en http://pamela.jeshua.net

Deze channeling is afkomstig uit het boek ‘Gesprekken met Jeshua’ van Pamela Kribbe.

Voor meer informatie over dit boek of om te bestellen, klik op het plaatje:  of ga direct naar Bol.com

 

5 REACTIES

  1. Super mooi geschreven zelf ben moeder van een nieuwtijdskind ook in mijn zoontje zit een Ziel van een medicijnman.van rond de middeleeuwen. Deze kinderen zijn zo puur en bijzonder!

  2. Dank je wel, Pamela, voor altijd maar weer je mooie artikelen 🙂 .

    Er staat: “Noch stond van te voren vast welke vormen precies geschapen zouden worden. Bewustzijn is vrij en experimenteel en vooral ook avontuurlijk. Er is geen God achter de schermen die alles dirigeert en alles al weet. ”

    Ik heb in die zin wat moeite met dit gegeven.. Ik dacht dat het om ERVAREN ging wat we hier met z’n allen aan het doen zijn. Je kan iets WETEN, maar iets ERVAREN is natuurlijk heel iets anders 🙂 . Ik dacht dat God al wel juist weet? Dus ik vind dit zelf een wat verwarrend concept.

    Verder vind ik het een mooi artikel, ‘k nog meer lezen van Pamela 🙂 .

    Liefs, Susanne

  3. Hai, mooi artikel en nog verbaasder was ik dat je mijn plaatje hebt gebruikt in dit artikel. Het plaatje van de handen is namelijk zelf gemaakt dmv het fotograveren van mijn eigen handen en daar een animatie ervan te maken. Leuk om te zien. 😉

    : ) Bianca

  4. ik/wij, hebben met aandacht deze channeling gelezen, er viel van alles op zijn plaats, losse stukjes van weten, die ik niet geheel kon koppelen. Door deze wetenschap voel ik mij, verlost van schuldgevoelens, die ik niet begreep; waar komen die toch vandaan? nu weet ik het. 🙂 heel hartelijke dank hiervoor. het ademen gaat nu ook gemakkelijker en we voelen een glimlach verschijnen. tegerlijkertijd beseffen wij, dat er werk aan de winkel is. Dit wisten we wel, maar zoveel temeer we bewust werden en worden zoveel temeer vragen er oprijzen uit het “water” het emotielichaam. ik begrijp nu ook het gevoel van gemis, de zee en ook het vaste land en samen willen en het gevoel van veiligheid, de zon de warmte. alle delen willen samengevoegd worden en dat is ook gebeurd. stap voor stap….begrijp ik ze beter en wat ze me willen vertellen…heel Zijn. Wij danken jullie voor het channelen, het vertalen en plaatsen..in alle liefde
    Honderduizend miljoen keer dank, voor mocht ik het ook maar één keer vergeten….omdat ik zo druk ben met aardse zaken die gereld moeten worden vanuit het Zijn….maar vergeet nooit dat ik onvoorwaardelijk van jullie allen houd…vanuit hart en ziel een regenboogbrug gebouwd van pure onvoorwaardelijke liefdeslicht…..

    liefs, Henriëtte xxx 🙂

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
vul je naam in