DELEN

door Elaine Aron

Vorige zomer was ik de gastspreker op een congres over de ontwikkeling van kinderen met een gave, en daar had ik jullie nog een verslag van beloofd. Terwijl ik mijn toespraak doornam met de organisatrice, Linda Silverman, realiseerde ik me dat voor haar hooggevoeligheid het zelfde was als het hebben van een gave. Anderen in het verleden hebben zich ook afgevraagd of een hogere gevoeligheid het zelfde zou zijn als intelligenter zijn, in het algemeen of in het bijzonder. Daarom zou ik deze vraag willen behandelen.

Waarom Gevoeligheid Niet Te Zien Als Een Gave

Los van de aanzienlijke moeilijkheid om ‘een gave‘ te definieren, of zelfs ‘intelligentie’ maar (bijvoorbeeld: is het iets algemeens of is elk talent een gave of een vorm van intelligentie?), heb ik drie redenen om gevoeligheid zo positief op te vatten. Ten eerste zijn in mijn ervaring niet alle mensen met een gave hooggevoelig. Ik ken te veel niet-HSP’ers die een grote gave hebben. Eigenlijk vraag ik me af of niet elke karaktertrek in zijn extremiteit wel een soort gave oplevert. Mijn briljante man bijvoorbeeld, geen HSP’er, heeft een enorm doorzettingsvermogen. Hij werkt aan een probleem tot het is opgelost. Punt uit. Misschien is dat een ander soort ‘gave’, maar toch, wat een ‘beheerswoede’ (rage to master). Of wat te denken van de High Sensation Seekers die geen HSP’er zijn? Eindeloos aan het onderzoeken en op zoek naar vernieuwing en naar nieuwe oplossingen – dat geeft ze toch minstens de schijn van creativiteit.

Ten tweede is het mijn ervaring dat niet alle hoogsensitieve mensen een gave hebben. In ieder geval vertonen vele HSP’ers als volwassene niet in dusdanige mate een talent dat anderen dat als exceptioneel zouden bestempelen. Bovendien zien de meeste mensen ‘een gave’ als iets bijzonders en zeldzaams, dat slechts bij 1, 3 dan wel 5% van de bevolking voorkomt. Als je die definitie hanteert, kunnen absoluut niet alle HSP’ers een gave hebben. Hooggevoeligheid komt bij 15 tot 20% van de mensen voor.

Uiteindelijk en ten derde, denk ik dat ik nooit ook maar overwogen heb gevoeligheid gelijk te stellen met een gave, of met intelligentie, bedachtzaamheid, bewust-zijn of andere positieve draaien, omdat ik juist een neutrale naam voor deze eigenschap zocht. Ook vond ik dat het van toepassing moest zijn op alle levels van het lichaam, van huid en immuunsysteem tot aan de neocortex, en op alle soorten, van fruitvlieg tot mens. Natuurlijk is de term “gevoelig” ook al geen neutrale term. Ik vraag me af of echt (voor iedereen) neutrale termen wel bestaan. In ieder geval lijken de positieve en negatieve connotaties wel in balans te zijn!

Nu heeft elk vraagstuk twee kanten, en soms zijn beide kanten in balans en zeker interessant. Laten we beginnen met de hamvraag, wat het betekent getalenteerd te zijn. Dan volgt het grotere vraagstuk, heeft je hoogsensitieve kind een gave? Heb jij een gave?

Wie Heeft Een Gave?

Sommigen zouden zeggen dat wie een IQ van 130 of hoger heeft, ook een gave heeft, of althans een ‘academische gave’, door een groot talent voor wiskunde of verbale vaardigheid te tonen. Deze definitie werd vroeger wel gehanteerd om fondsen te werven voor speciaal onderwijs voor diegenen met een gave (iets dat vroeger veel gebeurde, maar nu niet meer). Het hebben van een gave werd als een te koesteren waarde voor het hele land gezien.

Voor anderen is deze definitie te eng, zij vinden een gave relevant voor de hele wereld. Anderen wijzen deze definitie af, omdat het al genoeg is goed te zijn in een specifiek veld, zeg: schaken, of Latijn, muziek of atletiek. Hoe dan al deze verschillende ‘gaven’ te vergelijken? Mij bevalt de zienswijze van psychologe Ellen Winner (grappig dat sommige mensen precies de goede naam voor hun carriere hebben, of niet?). Winner schreef Gifted Children: Myths and Realities (Basic Books, 1996), een nogal wetenschappelijk boek voor de leek. Zij definieert een gave aan de hand van drie eigenschappen:

  1. Voorlijkheid.Kinderen met een gave krijgen een bepaald domein veel eerder onder de knie dan de meeste kinderen—hetzij lezen, tekenen, rekenen, schaken, turnen, wat dan ook. Anderen geven aan dat een kind, om een gave te hebben op een bepaald gebied, blijk zou moeten geven van een ander “ontwikkelingstraject” dan andere kinderen.
  2. Creativiteit.Deze kinderen doen de dingen op hun eigen manier. Ze leren anders, waardoor ze soms een beetje hulp van anderen nodig hebben. Ze doen zelf ontdekkingen en stellen hun eigen regels en ideeen op over het domein van hun talent. (Winner geeft aan dat zij vindt dat om Creatief te zijn, dus met een grote C, wat voor Winner neerkomt op het voorgoed veranderen van je vakgebied, men toch minstens tien jaar binnen het domein van hun talent werkzaam moet zijn bezig geweest. Dat lijkt me aannemelijk. Daarenboven vind ik creativiteit (met-een-kleine-c) ontzettend belangrijk, zowel op het persoonlijk vlak als voor hele samenlevingen. Dit zal ik verder bespreken in de volgende nieuwsbrief. )
  3. “A rage to master.”Degenen met een gave zijn intrinsiek gemotiveerd om het domein waarin ze voorlijk zijn volledig te doorgronden. Ze bevinden zich in een flow wanneer ze zich met hun onderwerp bezighouden. Voor hen is het een passie.

Wat Diegenen Met Een Gave NIET Zijn

Winner verwijst ook enkele theorieen over creatievelingen naar het rijk der fabelen: Ze kunnen heus niet alles, ze hebben ook niet allemaal een hoog IQ. Ze kunnen niet ‘gemaakt’ worden door extra scholing of overijverige ouders. En, in weerwil van het beroemde werk van Professor Terman van de Stanford Universiteit, zijn ze niet per se goed aangepast. Zijn testpersonen werden allereerst voorgedragen door hun docenten en pas dan werd hun intelligentie getest. Ongetwijfeld werden de meest aangepaste leerlingen als eerste gekozen, die deden het ook het best op school. Maar Terman ontdekte dat diegenen met een IQ van 170 of hoger juist problemen hadden in de sociale omgang. En uit Leta Hollingsworths studie naar kinderen met een uitzonderlijke gave bleek dat ze twee keer zoveel problemen op sociaal en emotioneel vlak hadden als andere kinderen. Ze hadden vooral moeite in de omgang met hun leeftijdsgenoten, tenzij ze precies met de goede mensen omgingen. Op hun emotionele problemen komen we zo terug.

De Opgewonden-Standjes van Dabrowski

Dat het hebben van een gave wel wordt gelijkgesteld aan gevoeligheid, hebben we mede te danken aan het werk van Kazimierz Dabrowski, die zijn “Theorie van Positieve Desintegratie” gebruikte om mensen met een gave te beschrijven. In het kort stelde hij, dat het desintegreren van een persoonlijkheid, zoals hij dat noemde, zijn oorsprong vindt in innerlijke conflicten. Deze worden vaak verkeerd opgevat als een neurose of andere geestesaandoening, maar eigenlijk zijn ze noodzakelijk om tegenstellingen samen te laten vloeien en zo tot een hoger ontwikkelingsniveau te komen. (Hij geloofde overigens wel in echte geestesaandoeningen – niet alle neurotici zijn noodzakelijkerwijs op pad naar hun betere ik.)

Kazimierz Dabrowski
Kazimierz Dabrowski

Volgens hem maken mensen met een bepaalde mate van “opwindbaarheid” zulke conflicten wat vaker mee en komen ze daardoor wat verstoorder over, terwijl ze eigenlijk juist geboren zijn met meer “ontwikkelingspotentieel.” Hij heeft vijf types van dit soort “opgewonden standjes” beschreven, die HSP’ers wel zullen herkennen:
1. Geestesaandrijving. Overtollige energie, hetzij lichamelijk dan wel geestelijk. Het fysiekere type vertoont een voorliefde voor beweging, gefriemel, impulsiviteit, rusteloosheid en makkelijk-afgeleidheid die voor de meeste HSP’ers niet kenmerkend is, al komt het wel voor. Snelle gedachten, dat klinkt wel als een HSP’er, en snel praten ook, als ze op een voor hen veilige plek zijn, waar ze hun gedachten kunnen delen. 2. Zintuiglijk. Deze mensen hebben een verhoogd zintuiglijk bewustzijn. Daar weten wij alles van.
3. Verbeeldend. Levendige beelden, dromen, metaforen, fantasien. Dichterlijk creatief.
4. Intellectueel. Razend enthousiast over kennis, hetzij over het verzamelen van gegevens en feiten hetzij over abstract denken. Onafhankelijke denkers. Het is geen kwestie van ertoe in staat zijn, ze zijn er dol op een probleem op te lossen.
5. Emotioneel. Die kennen we ook al – ik schreef er in een eerder stuk over.

Deze vijf punten klinken precies als vijf facetten van hooggevoeligheid.  In ieder geval heeft het onderzoek van Cheryl M. Ackerman (in de Roeper Review van juni 1997)  een verband aangetoond tussen deze vijf eigenschappen en het voorkomen van een gave bij jongvolwassenen. En als dit dan de trekken zijn van personen met een gave, dan hebben HSP’ers die zeker. Ze zijn het zelfde concept. Maar toen ik Dabrowski’s werk voor het eerst bestudeerde, weigerde ik, ondanks mijn fascinatie voor gevoeligheid, toch om gevoeligheid gelijk te stellen aan een gave. Of toch niet?

 Volgens Mijn Eigen Onderzoek is gevoeligheid hetzelfde als een gave–Of Toch Niet?

Hoog Sensitieve Kinderen worden niet alleen door Dabrowski ingedeeld bij diegenen met een gave, ook in mijn eigen empirisch onderzoek naar HSK’s zie je in de vragenlijst voor ouders op mijn website dat veel vragen die op het HSK van toepassing zijn, evengoed gelden voor kinderen met een gave – bijvoorbeeld, “stelt diepe vragen” en “veel vragen,” “gebruikt grote woorden voor de leeftijd,” en “heeft een subtiel gevoel voor humor.”

Dus waarom viel mij niet op dat ik weleens het hebben van een gave onder de loep aan het nemen zou kunnen zijn? Omdat ik te veel HSK’s en HSP’ers heb gezien wiens depressie, angst of lage zelfbeeld hen in de weg stond bij het laten zien van hun talenten. De gaven zijn er wel, ze hebben bijvoorbeeld helderder dromen. Maar heeft iemand wel een gave als hij niet in staat daar gestalte aan te geven? Hoe kunnen we vaststellen dat een kind een gave heeft als het te bang is om iets te vragen, te overstuur om grote woorden te gebruiken of te verdrietig om een subtiel gevoel voor humor te hebben? Daarover zo meer.

Ik vrees dat mijn vragenlijst voor ouders om erachter te komen of hun kind Hoogsensitief is, er wel een beetje om vraagt gevoeligheid gelijk te stellen met een gave, omdat het lijstje eigenlijk emotioneel gezonde kinderen voor ogen had – om twee redenen. Allereerst kon ik statistisch gezien geen onderscheid maken tussen Hoogsensitiviteit en een neurose, in ieder geval niet door aan de ouders te vragen of hun kind depressief of angstig is, en of het misschien een slechte jeugd heeft gehad! (dit aan ouders over hun kinderen te vragen, zou onethisch zijn en om nog vele andere redenen onacceptabel.) Daarom moest ik eenvoudigweg de vraagstelling aanpassen en zaken vermijden die ook voort zouden kunnen komen uit depressie, angst of trauma van een niet-HSK, met vragen als “is het kind verlegen?” of “huilt het kind gauw?” Ik wilde ook positieve vragen, zodat ouders zouden begrijpen dat Hoogsensitiviteit een goede eigenschap is

Ten tweede heb ik de vragen dan wel zelf uitgezocht – al waren het specifiek deze vragen die binnen onze groep kinderen op HSK’s leken te wijzen –  dan nog komt daarbij dat mijn interviewers hun respondenten benaderden in parken en op speelplaatsen. Dit zijn de ouders die betrokken zijn bij hun kinderen en die ook nog eens zin hadden om een enquete in te vullen. Zonder twijfel groeien hun HSK’s, als groep, op onder betere omstandigheden dan gemiddeld, wat ze geestelijk gezonder maakt dan HSK’s in het algemeen.

Ik denk dat diegenen die kinderen met een talent bestuderen, net als ik, bijna zonder uitzondering kinderen treffen uit een gezond gezin. Anders zouden deze kinderen te verdrietig zijn om hun vaardigheden ten toon te spreiden op een manier dat het ouders en onderzoekers zou opvallen. In het boek van Winner is zelfs een heel hoofdstuk gewijd aan de gezinnen van kinderen met een gave, waarin ze geprezen worden om hun hoge waarden en hun vermogen zelfstandigheid toe te staan terwijl ze emotioneel blijven ondersteunen. Zo’n gezin veroorzaakt geen gave bij een kind, maar zonder zo’n gezin wekt een kind wellicht niet de indruk iets als een gave te hebben. Goede leerkrachten kunnen een enorme steun zijn en menig HSP’er denkt met weemoed terug aan zijn schooldagen, maar er waren ook kinderen die school een rottijd vonden, waarin ze te verlegen waren om gezien te worden of waarin ze opvielen omdat ze anders waren.

Dus terwijl de onderzoekers van mensen met een gave zich bezighouden met een aangeboren eigenschap die tot wasdom zou kunnen komen, richt ik me op een eigenschap die bijna altijd aan het licht komt, wat het kind ook meemaakt. Als ik me vergist heb, en deze twee eigenschappen zijn toch het zelfde, dan ben ik daar blij mee. Juist doordat ik me in mijn eerste onderzoeken richtte op volwassenen, heb ik ontdekt hoeveel effect een verschillende jeugd heeft. Dus zo heeft mijn “vergissing”, als het dat al is, toch bijgedragen om de kans te vergroten dat Hoogsensitieve Kinderen die met een gave worden geboren ook in staat zullen zijn hun gave vorm te geven, omdat er meer op een juiste manier zullen worden opgevoed.

Ik vertelde het publiek op het congres dat HSK’s met een gave naast goed onderwijs en een passende schoolomgeving bovenal behoefte hebben aan goed ouderschap. Ik nam al de gebruikelijke goedbedoelde opvoedfouten met ze door: streng straffen, kinderen niet geloven als ze zeggen dat iets pijn doet of dat ze iets niet willen; snel willen dat het weer “over is” en ze laten voelen dat ze alleen om hun gaven bemind zouden worden. Of dat ouders te kritisch worden of te sturend in hun poging het kind zijn of haar gave te laten manifesteren. U kent het lijstje waarschijnlijk net zo goed als ik.

Hoe Zit Het Met Je Kind – En Met Jou

Hebben dan alle HSK’s en HSP’s een gave? De criteria heb je nu. Vertoonde jij of je kind al op vroege leeftijd ongebruikelijk talent? Hadden jij en je kind een “ander melodietje” in je hoofd? Kon je op unieke wijze uiting geven aan deze talenten, was er zo’n “beheerswoede”?

Als je kind dan zo’n gave lijkt te hebben, is het raadzaam eens op internet te kijken wat je nog meer te weten komt. Je zult ontdekken dat kinderen met een gave hun eigen sociale problemen hebben. Ze vinden “normale” kinderen bijvoorbeeld al gauw saai, en ze zullen hun ware aard moeten verbergen om vriendjes te kunnen hebben, of veel alleen moeten spelen. Deze afzondering komt dan niet voort uit verlegenheid, althans niet in eerste instantie. Maar natuurlijk kunnen kinderen met een gave ook geplaagd worden, vooral als ze niet sportief zijn of aantrekkelijk in de ogen van hun leeftijdsgenootjes. Er zullen er bij zijn die met hun gaven hun sociale status kunnen beschermen, of zelfs populair worden, en er zullen er bij zijn wie dat niet lukt. Je hoopt maar dat iemand – leraar of leerling—hun talenten op waarde zal schatten en deze problemen tenietdoen, maar dat zou wel eens wat betrokkenheid kunnen vergen.

Ik Had Een Gave, Wat Is Er Gebeurd?

Als je als HSP’er terugkijkt op je jeugd, vraag je je dan af wat er gebeurd is? Niemand die eraan dacht dat je een gave had. Zoals ik al zei kunnen depressie, angst of verlegenheid je talent hebben ondergesneeuwd. Misschien kwam het er op andere manieren uit. Als je bijvoorbeeld weinig zelfvertrouwen had, heb je je gave misschien ingezet om anderen te pleasen, wat zou hebben verhinderd dat je je creativiteit en beheerswoede zou gebruiken voor iets anders dan te zorgen dat anderen je maar aardig vinden. Of misschien werd je kwaad en heb je al je gaven ingezet om een probleemkind te worden. Wat je gave ook in de weg heeft gestaan, ik hoop dat alleen de wetenschap dat je een gave hebt die al naar de voorgrond zal brengen. Dus ja, stel je gevoeligheid gelijk aan een gave, als het je helpt. Mijn zegen heb je. Niemand is baas over de definitie van gevoeligheid, ik al helemaal niet.

Elaine Aron

Nieuwetijdskind.com ©2018

Meer artikelen over HSP

Vond je dit een leerzaam artikel ? Deel het dan via Social Media aub. De buttons vind je onder dit artikel

7 REACTIES

  1. Het hele woord ‘gave’ wordt op deze wijze uit haar verband gerukt. De gave is iets wat gegeven wordt aan het individu namens of door het universum Of God wie dat wil). Elk levend individu heeft een gave dan wel een gift voor diens leven ontvangen. De diversiteit laat de unieke diversiteit van het universum weerspiegelen in elk mens.

  2. Ik hou me niet bezig met HSP , geniet van de kleine dingen die nu naar buiten komen. Mijn boekje is de wereld in gegaan en dat is fijn . Mensen kijken zo vreemd als je dingen al weet .
    Ik kijk elke dag naar een nieuwe dag en zie wel hoe deze verloopt. Ik ben niet meer maar ook niet minder dan mijn mede mens. Ik zet mezelf niet in een hoekje kijk de verder en volg mijn pad waar die strand … zeg het maar.

  3. Waarom wil de mens toch iedere keer maar weer iets in hokjes plaatsen ?

    Waarom wil de mens toch iedere keer maar weer een waarde aan iets toekennen?

    Hsp of niet, hoogbegaafd of niet,zwerver of bankdirecteur. .. dingen zijn zoals ze zijn

    • @astrid, Misschien zijn ze nog niet zover en wilt men graag herkenning wat men mag zijn of is.
      Ik heb jaren er over moeten doen om te weten WIE BEN IK ?
      Nu , ik moest eerst een ernstige zenuwinzinking krijgen om het antwoord te mogen ontvangen …ben blij en ben mens in groeiing …geniet van de kleine dingen , gelukkig om mijzelf te zijn . opnieuw geboren opnieuw herkenning .

  4. HSP.

    Het zit hem enkel in de P.

    Zolang er nog een P/ego/ik is dan zijn de p`s aan het dansen.

    Met High Sensitive is niets mis.

    Gelijk de ogen die alles kunnen waarnemen.

    Je bestaan wordt enkel een probleem als je niet inziet dat het HS enkel als nut heeft de P te doorzien.

    Het probleen van de HSPer is dat de P (ik/ego) het HS misbruikt ter eigen glorie, het er zijn/haar waarde/speciaal zijn aan ophangt en als excuse gebruikt om maar niet naar het beeld van zichzelf te kijken.

    En dat terwijl het enkel als nut/gave heeft om eens te kijken wat dat nou is die zogenaamde eigenheid/eigenwaarde/speciaal gevoel/zelfbeeld ipv alle eigen ellende op te hangen aan het High Sensitive zijn.

    Gave tekst weer.

    Ik voel, ik voel wat jij niet voelt.

    Ik heb trek in een banaan.

    Ik had ook niet naar die documentaire moeten kijken.

    Ik ben toch ook zo gevoelig.

    Wilde zo naar Flipper gaan kijken maar vis en banaan gaan slecht samen.

    Gevoelige maag, dat ook nog.

    Neen, gevoeligheid is gewoon gevoeligheid.

    Niets mis mee.

    Gevoeligheid is enkel een probleem als er nog dingen in jezelf spelen die niet doorzien zijn.

    Mooi iets dus die gevoeligheid, je moet het enkel wel bij jezelf zoeken/houden.

    Zo krijg ik bv bepaalde neigingen als ik het woord Aart zie staan.

    Ligt niet aan mij maar aan mijn gevoeligheid, toch?

    Mijn H is zo High dat de gemiddelde mens er hoogtevrees van krijgt.

    Dieptepunt is weer bereikt zie ik, tis een gave.

  5. Ik vind het muggenzifterij een heel artikel te schrijven over of iets nu wel of niet “een gave” is. Waarom je zo bezig houden met “vorm”? Het gaat toch om de “inhoud”? En niet om welles- n,iets spelletjes. Ik vond dit geen zinvol artikel!

    • @Odile,
      Misschien is het artikel voor andere mensen wel zinvol. Zelf vind ik het artikel ook niet interessant, maar dat hoeft ook niet. Ik lees alleen artikels die me wel kunnen boeien. Zo is er voor elk wat wils op de site.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
vul je naam in