Engel-parentificatie
nieuwetijdskindmagazine
nieuwetijdskindmagazine
nieuwetijdskindmagazine

Door Ivo Mijland en Wim van Mulligen

Na de les vraagt ze of ze je bord mag uitvegen. Als je op de gang per ongeluk tegen haar opbotst, zegt ze bijna volwassen ‘pardon, meneer’.

In de les zorgt ze voor het klassenboek. Iemand moet dat doen, toch? Ze levert altijd als eerste haar werkstukken in en stelt eenintelligente vraag als de docent er zichtbaar om vraagt. En ook thuis is het een lieverdje.Ze doet boodschappen, kookt regelmatig en ruimt de rommel van haar broers en zussenop. “Doe mij maar dertig van zulke engeltjes,” hoor je tijdens de rapportvergaderingen zeggen. Toch zit het de mentor niet lekker. Want ondanks haar voorbeeldige gedrag, heefthij het gevoel dat er iets niet okay is. Regelmatig spookt door zijn hoofd: “Help, er zit een engeltje in mijn klas…”

Engel-parentificatie
Ouders zijn het geven van het geparentificeerde kind over het hoofd gaan zien

Leerlingen, je hebt ze in alle soorten en maten. Het grootste deel vertoont ‘normaal’ leerlingengedrag. Ze zijn volop bezig zich te ontwikkelen. Tijdens die ontwikkeling zijn ze soms lief, soms brutaal, soms bang, soms gezellig, soms lui en soms leergierig. Zonder dat ze daarbij opvallend afwijken van de andere leerlingen. Je bent blij dat ze soms boos zijn, soms impulsief zijn of soms naïef zijn. Dat heet ontwikkeling.

Er zijn ook leerlingen die afwijken van deze standaardontwikkeling. Deze leerlingen wijken op bepaalde punten extreem af van de rest. Ze zijn opvallend opstandig of ongelofelijk aardig. Bij opstand trekken we doorgaans wel aan de bel en staan we klaar met onze herstel- of strafmaatregelen. Maar engeltjes zijn we geneigd als schoolvoorbeeld te stellen. Engeltjes die weliswaar voorbeeldig gedrag tijdens de les vertonen, maar ook engeltjes die opvallend weinig vriendjes hebben, in de pauze de conciërge helpen in plaats van met klasgenoten te kletsen en engeltjes die je eerder tegenkomt bij de supermarkt om inkopen te doen voor het avondeten dan dat je ze ziet staan op een gezellige hangplek in het dorp.

Heeft u leerlingen die op deze manier afwijken van de ‘standaard’, dan is waakzaamheid geboden. Probeer in een gesprek eens te onderzoeken waar het engeltjesgedrag vandaan komt. De kans is namelijk aanwezig dat het gedrag voortkomt uit een ultieme wens om het voor ouders zo aangenaam mogelijk te maken. Het perfectionisme van deze engeltjes zorgt dat ouders trots kunnen zijn. Of om te zorgen dat ouders hun eigen problemen vergeten. Engeltjes zijn in dat geval engeltjes voor papa en mama. Ze geven excessief aan volwassenen, om spanningen te voorkomen. Bij al dat geven vergeten ze hun eigen belang als puber. Er ontstaat een ongezonde ontwikkeling, omdat ze zichzelf volledig wegcijferen. Op latere leeftijd zorgt dit regelmatig voor ernstige problemen. Volwassen engeltjes missen naar eigen zeggen namelijk ‘geluk in hun hart’. Ze hebben problemen met het aangaan of het onderhouden van een relatie en voelen zich, zelfs als alle levensdoelen bereikt worden, leeg en nutteloos

Parentificatie

Boszormenyi-Nagy werkt in zijn contextuele theorie het begrip parentificatie uit en daaronder vallen ook de engeltjes. Onder parentificatie wordt verstaan dat kinderen vanuit hun ouders vaak onbewust opdrachten in het leven krijgen, die niet passen bij de leeftijd van het kind. Kinderen worden als het ware uitgenodigd in een andere generatielijn plaats te nemen. Dat kan een oudere generatie zijn (actieve parentificatie, kinderen moeten zich als volwassen gedragen) of juist een jongere (passieve parentificatie, kinderen worden uitgenodigd kind te blijven).

Er is sprake van een eis, waaraan het kind niet anders kan dan er aan te voldoen. Kinderen zijn van nature geneigd om ouders te helpen. Kinderen voldoen aan hun noden en zijn bereid daarvoor alles op te offeren, als ze het idee hebben dat papa en mama er hun eigen ellende of problemen mee kunnen vergeten. Kinderen gaan zo ver in hun opofferingen, dat ze zelfs hun eigen ontwikkeling willen stopzetten. Ook bij engeltjes gebeurt dat. Ze zetten alles aan de kant om volwassenen, en dan vooral de eigen ouders, tevreden te stellen.

Kinderen initiëren dit gedrag niet alleen, de ouders kunnen het ook (onbewust) van hun kinderen blamen. Parentificatie kent overigens diverse andere verschijningsvorm. Het engeltje is slechts een van de herkenbare gedragingen bij kinderen (zie kader). Parentificatie, zoals hier beschreven bij de engeltjes, zorgt voor destructief gedrag. Kinderen beschadigen zichzelf onbewust. Gelukkig bestaan er ook constructieve vormen van parentificatie. In dat geval wordt het afwijkende gedrag wel gezien, is er erkenning voor het gevende kind.

Kinderen krijgen er dan zelfvertrouwen door en leren hun grenzen af te bakenen. Er is sprake van groei en ontwikkeling. Bij destructieve parentificatie is er sprake van een geremde ontwikkeling en loopt het kind grote kans op een depressie. Destructieve parentificatie zie je vaak bij kinderen, waarvan de ouders een geschiedenis vol tegenslagen kennen. Parentificatie maakt het  levensverhaal dragelijk voor hen. Kinderen komen tegemoet aan de noden van hun ouders. Onbewust nodigen ouders hun kinderen uit om hulp te geven. Het kind geeft op zijn beurt onbewust die hulp, zelfs als het daar zelf beschadigingen voor moet accepteren.

Geven en ontvangen

Het kind geeft hulp, zelfs als het daar zelf beschadigingen voor moet accepteren.

Ieder kind is van nature gewend om te geven; geven geeft het gevoel om er te mogen zijn en om er toe te doen. Ook engelengedrag komt voort uit die behoefte om te geven. De mentor die een engeltje in zijn klas ziet, moet daarom voorkomen dat hij het engeltjesgedrag gaat afleren of zelfs bestraffen. Engeltjes doen immers datgene wat ze denken te moeten doen. Ze zijn constant op zoek naar het schoonhouden van het ouderlijk nest en verwijderen nijver elk vuiltje uit dat nest. Het valt overigens niet altijd mee om engeltjes niet te bestraffen, want engeltjes kunnen je mateloos irriteren. Ze doen immers alles wat je zegt of vraagt. Als de leraar vraagt of iemand bij de conciërge een stapel papier wil halen, vliegt de engel al voor haar ‘meester’. Ook al wilde die meester liever die ADHD’er even laten bewegen.

Het is voor engeltjes vooral belangrijk dat ze leren ervaren dat hun inzet gezien wordt. Engeltjes vergeten namelijk waarvoor ze het allemaal doen. Ze geven niet om te kunnen ontvangen, maar geven om te kijken hoe ze op een andere manier nog meer kunnen geven. Het zichtbaar maken van gevende engeltjes, doe je vooral door te erkennen. Een mentor helpt door te zeggen dat hij zoveel inzet ziet. Dat hij zo trots is op haar hulp. Beantwoord de gevende leerling daarom – en in feite is aanwezig zijn in de klas al een vorm van geven – met een welgemeend compliment. Van daaruit kun je op zoek gaan naar de situatie thuis, bijvoorbeeld door de vraag te stellen: “Wat moet je voor je ouders doen om een compliment te krijgen.” Deze vraag is een mooi vertrekpunt voor een eerste gesprek met de ouders van het engeltje. “Wat waardeert u het meest in uw dochter?” In dit gesprek zul je ontdekken dat de balans van geven en ontvangen uit het lood is. Ouders zijn het geven van het geparentificeerde kind over het hoofd gaan zien. Ze hebben het excessieve geven onbewust uitgebaat voor hun eigen welbevinden. Een mentor die er in slaagt de onbalans op een positieve manier in beeld te brengen, levert een constructieve bijdrage aan het verdere levensverhaal van het engeltje. Hij stelt engeltjes in staat om – samen met haar ouders – op zoek te gaan naar de broodnodige ontwikkeling op het sociale, emotionele, cognitieve en fysieke vlak. Engelengedrag moet je niet afleren, engeltjes moet je wel wat bijleren. Vergeet niet:  als je iemand naast je hebt die op zijn tijd een engeltje is, is dat prachtig (zalig?). Iemand die altijd een engel is, is onaards,

 

Ivo Mijland heeft een eigen trainingsbureau en verzorgt trainingen op scholen. Wim van Mulligen is contextueel therapeut en geeft trainingen op het gebied van contextuele leerlingenbegeleiding

4 REACTIES

  1. Een goed artiekel…
    Ik zou ook graag reageren op Nele.

    Heeft iemand professioneel bij jou parantificatie vastgesteld… Of vind je gewoon dat een aantal dingen overeen komen met jou leven?
    Het is namelijk zo dat er ook een normale parentificatie is, die ieder kind moet doormaken…
    En ik denk dat jezelf niet objectief kan zijn om jezelf dan dit etikket op te plakken….
    Met de komst van internet, en dan ook meer inforrmatie, gaan mensen ook meer opzoek…
    En het isnet verkeerd om jezelf dan eendiagnose ofzo aan te meten… Iklees vaak dat heb ik ook en dat ook… Weet dat alles ‘normaal’ is en dat er sprake moet zijn van een verhoogd of extreem gedrag… Want iedereen heeft bepaalde kenmerken van…. Dit op zich is geen probleem, het wordt pas een probleem als je er hinder van ondervind…. Dus zelf een diagnose stellen is echt verkeerd….
    Grtjes

    • Dag Jade,

      (Ik herbegin, was net mijn reactie kwijt)
      Om op je vraag te antwoorden, neen de term is nooit gevallen bij een therapeut. Ik voel me ook niet goed in een klassiek therapeutisch milieu. Heb dit jaren geleden gedaan om mijn eetstoornis aan te pakken, maar die mensen konden mij eigenlijk niet nieuws vertellen. Ik besef maar al te goed dat ik de enige ben die hier iets aan kan doen. Ik ben nu al vijf jaar in energietherapie en dit werkt veel beter. Er komen in zo een sessie dingen naar boven die ik dan kan plaatsen en waar ik de komende periode aan kan gaan werken. Ik heb zo veel minder sessies nodig en kan er nadien zelf op mijn eigen thempo mee aan de slag. En wanneer ik er nood aan heb/klaar voor ben ga ik voor de volgende sessie.

      Maar je hebt wel gelijk wanneer je zegt dat jezelf een diagnose stellen gevaarlijk is en in vele situaties niet correct is. Maar het is bij mij wel extreem geweest. Ik heb geen zin om hier dieper op in te gaan, niet alleen omdat het te veel zou zijn om te vertellen, maar vooral omdat ik vooruit wil en dit achter mij wil laten. Het enige dat ik nu nog aan het leren ben is duidelijke grenzen naar mijn moeder stellen. Ik heb nu namelijk zelf een gezin en kindjes waarvoor ik er wil zijn. En ik kan niet meer accepteren dat zij op mij leunt en steunt. Zij moet nu zelf haar verantwoordlijkheid nemen naar haar gezin en vooral naar zichzelf.

      Liefs,
      Nele

      • Hoi Nele.
        Dat je je niet geod voelt in het klassiek therapeutish milieu dat kan ik maar al te goed begrijpen…
        Ik snap ook wel dat als je problemen ondervind je deze ‘moet’ aanpakken…
        Beter is er geen etiket op plakken… Mensen gaan zich dan allerlei symptomen aanmeten. ‘ ik zeg niet dat dat bij jou het geval is’

        Goed dat je je problemen aanpakt, op de manier die jij het beste bij jou vind passen (^^,)
        en we moeten idd in het heden leven. Gedane dingen nemen vaak geen keer…
        Groetjes Jade

  2. Wat ben ik blij dat hier stilaan aandacht aan wordt gegeven vanuit de opleidingssector. Ik hoop echt vanuit de grond van mijn hart dat scholen deze kinderen een vangnet gaan bieden! En dat van daaruit het probleem zichtbaar gemaakt wordt voor de omgeving. Dit zou zoveel goeds kunnen brengen in de engeltjes hun leven!

    Elke dag vecht ik nog met de gevolgen van parentificatie. Dank je Gordon om deze term op de site bekend te hebben gemaakt, wist niet eens dat er een woord voor was.

    ‘Volwassen engeltjes missen naar eigen zeggen namelijk ‘geluk in hun hart’. Ze hebben problemen met het aangaan of het onderhouden van een relatie en voelen zich, zelfs als alle levensdoelen bereikt worden, leeg en nutteloos’

    Hoe vaak heb ik niet moeten horen van vrienden of in een relatie dat het lijkt of ik nooit gelukkig zal zijn. En terecht ik weet dat ik alles heb om me oprecht gelukkig te voelen, zoveel mensen zouden me benijden en toch lukt het vaak niet. Voel ik me diep ongelukkig en alleen. Jaren had ik hemel en aarde verzet om de mensen om me heen te behagen, het naar hun zin te maken en ze te troosten, op te lappen, lief te hebben. Diep van binnen hoopte ik dan op erkenning, maar vooral veel liefde en genegenheid. Vaak kwam ik er bedrogen uit. Het ergste in dit verhaal is dat ik het hardst gekwetst, ontgoocheld en in de steek gelaten werd door de mensen die mij in de eerste plaats het liefst ter wereld moesten zien. Onvoorwaardelijk. De mensen het dichtst bij mij. Waarmee ik voornamelijk mijn ouders bedoel.

    Het resultaat een vrouw van 30 met een ongezond zelfbeeld, een diep gebrek aan zelfvertrouwen, in de kern nog steeds heel eenzaam en mij regelmatig afvragend hoe lang ik hier nog wil blijven? Daar tegenover drie prachtige kinderen, een lieve zorgzame man en op materieel vlak alles wat we nodig hebben. Maar ik kan het niet, gelukkig zijn, simpelweg gelukkig zijn.

    Ik vind de wereld hard met weinig medeleven en medeogen, maar weet dat ik gewoon ongezond open sta voor de noden en gevoelens van anderen. Maar ach ja. Zo is het en je probleem kunnen benoemen en verwoorden is het begin van er iets aan te doen.

    Maar ben nu zo blij te lezen dat hier nu wel aandacht aan gegeven wordt! Ik wou oprecht dat ik in mijn tijd een Wim Van Mullingen was tegengekomen op mijn pad, dat had alles wat vereenvoudigd. Nu weet ik dat het een kwestie van tijd is voor de kinderen die na ons komen om geholpen te worden en vooral de erkenning te krijgen die ze zo hard verdienen, maar vooral zo hard nodig hebben.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Laat een reactie asch
vul je naam in