Noord en Zuidpool zelfrealisatie

Geschreven door Diana van Doorn.

Diana van Doorn heeft enkele jaren gelden een serie artikelen geschreven met als titel: “Is Yoga de weg?” voor het magazine Ayurveda Actueel waarvan zij ook redactielid is. De artikelen zijn geïnspireerd door de spirituele kennis die zij in haar leven heeft opgedaan. Het is een synthese van de oosterse en westerse spirituele filosofie die zij vanuit haar eigen inzichten beschrijft. De artikelen zijn verkort en bewerkt speciaal voor de Nieuwetijdskind website. Drie bewerkingen hebben eerder op de website gestaan met als titel: Karma, De Liefde en India/Bharat.

De vier grote cycli: Yuga’s

  1. deel 1
  2. deel 2
  3. deel 3
  4. deel 4
  5. deel 5
  6. deel 6
  7. deel 7

Yuga’s – Deel 8: Gurû, Gurûdeva

Light of God is present in all: but this fact becomes known to the true devotee with the
Kindness of True Gurû. (Jáp(u) Sáhib, 74,78)

(Vrij vertaald: Het Licht van God is in ieder aanwezig, maar wordt door middel van de Ware Gurû gekend door de oprechte devoot)

Guru is een Sanskriet woord en betekent: Zwaar, gewichtig, sterk en waardevol.
Als je Gurû met accentteken op de laatste u schrijft betekent het: Diegene die iets opent. Deze schrijfwijze wordt zowel in de betekenis van geestelijke leraar gebruikt en diegene die instructies geeft.

Een Gurûdeva is een Goddelijke leraar die de hoogste kennis omtrent het Zelf gerealiseerd heeft en dit doorgeeft c.q. onderwijst. Een Avatar is de directe belichaming van het Allerhoogste, welke een nieuw tijdperk inluidt en bekrachtigt. De eerste Gurû is Shivâ; Âdi Gurû. Âdi betekent: oorsprong, begin, aanvang.

De eerste Gurû waarmee de mens te maken krijgt bij de lichamelijke geboorte zijn de ouders en verzorgers. Zij leren het kind om op eigen benen te staan. Hun liefde is bepalend voor zijn eerste ontwikkeling als mens. Op school zijn het de leraren die het kind begeleiden in kennis en bekwaamheden tot het leren van een vak. De wereld van het dagelijks leven is ook een Gurû welke de mens leert in het onderscheiden tussen het amorele en morele, voor zover dit de samenleving betreft.

Omdat in de opvoeding de nadruk vaak ligt op beperking van buitenaf, kan dit op een gegeven moment voelen als een beperking. Dan kan er een moment in iemands leven komen, veelal na frustraties, teleurstellingen, diepgaande ervaringen en/of door een samenloop van omstandigheden, dat deze op zoek gaat naar de verlossing uit zijn benauwenis.

Als de innerlijke mens een zekere rijpheid heeft, is de ontmoeting met de Gurûdeva onvermijdelijk. Deze ontmoeting kan op verschillende manieren plaatsvinden. Door een levendige droom, een reële ontmoeting met een Gurû of het lezen van een (spiritueel) boek. Hierdoor ontstaat een opening waardoor de mens diep van binnen geraakt wordt in een moment van zelfherkenning. Deze zelfherkenning kan de mens vervullen met liefde en vrede. Deze ervaring betekent een keerpunt in iemands leven. Vanaf dat moment opent zich de weg naar Zelfrealisatie. Maar dat is niet in alle gevallen zo. Want het kan gebeuren dat de mens, na deze ervaring, opnieuw terugvalt in zijn oude status-quo.

Hier volgt ter illustratie, een verhaal dat ik vrij bewerkt heb:
Gurûdeva Nanak, zijn naam betekent: “Hij die onsterfelijk is”, was de grondleger van het Sikhisme. Sri Nanak wilde de grote groep volgelingen die hij onderwees testen of zij werkelijk bereid waren de Goddelijke kennis te ontvangen. Sri Nanak vertelde dat hij een schat had die hij graag met hen wilde delen. Nieuwsgierig geworden liep de grote groep hem na. Sri Nanak begon met koperen munten te strooien. Sommigen begonnen deze munten gretig van de grond te rapen en verloren hierdoor de Meester uit het oog. Sri Nanak liep door met de overige van de groep en strooide verder op de weg met zilveren munten. Weer begon een deel van de groep deze op te rapen. En ook zij zagen niet dat de Meester een hoek omsloeg. (een hoek omslaan is hier ook een metafoor voor iemand die uit het zicht verdwijnt, iemand die het hoekje omgaat). Hij liep wat langer door met de kleine groep die nog over was. Toen strooide hij gouden munten in het rond en de gehele groep, op één na, begon verblind door het goud de munten te verzamelen.

Sri Nanak liep weg doch deze ene persoon bleef hem achtervolgen. Na enige tijd keerde Sri Nanak zich om en vroeg waarom hij hem bleef achtervolgen want hij had nu geen munten meer. De persoon knielde voor Sri Nanak neer en zei: “Ik zoek niet het goud van deze wereld, maar de schat die U innerlijk meedraagt”. Verheugd accepteerde Sri Nanak hem als zijn leerling en onderwees hem de Goddelijke kennis. Deze man werd één van zijn belangrijkste en meest toegewijde leerlingen. Sri Nanak gaf hem de naam: Angadev. Deze naam betekent: Hij die toegewijd is aan Het Allerhoogste; Seva. Angadev werd zijn opvolger, nadat Sri Nanak zijn lichaam had afgelegd.

Een ander verhaal:
Er kwam een rijke jongeling naar Jezus toe en vroeg: “Wat moet ik doen om het eeuwige leven te ontvangen.” Jezus antwoordde: “Alle tien geboden in acht nemen en deze na leven.” De jongeling zei Jezus dat hij dat al deed vanaf zijn jonge jaren.
Jezus zag de jongeling aan en kreeg hem lief en zei: “Eén ding ontbreekt, verkoop al wat je hebt en geef het aan de armen en je zult de schat van de Allerhoogste ontvangen. Kom en volg mij.” Het gezicht van de jongeling betrok en hij ging met een bedroefd gezicht heen, want hij bezat veel goederen en was rijk aan middelen.

Wat betekenen die munten die Sri Gurû Nanak rondstrooide?
De grote groep die de koperen munten verzamelde, zijn de mensen die leven in het alledaagse bestaan en zich daarin tevreden stellen. Hun innerlijke leven is nog een gesloten boek. De groep die de zilveren munten verzamelen, leven nog grotendeels binnen hun ontwikkelende ego bewustzijn. Het is deze begeertekracht die hun drijft tot het vervullen van wensen om hun status-quo te verhogen.

Zij die de gouden munten verzamelen zijn zij die hun instincten meer onder controle hebben ten behoeve van hun mentale vermogens. Deze gebruiken zij voor het verzamelen van kennis die hun macht en aanzien geeft, zoals in de wetenschap, economie, politiek, kunst en (religieuze) doctrines.

Diegenen die tot de groep van de koper- en zilvermunten verzamelaars behoren worden, over het algemeen, tot volgelingen/slaven gemaakt van de goudverzamelaars.
Niet dat hier altijd een boze opzet is, er kunnen nobele en idealistische motieven zijn om zichzelf en de mensheid te dienen. Dit alles behoort tot het domein van deze wereld en is onderdeel van het spel van de dualistische krachten en energieën.
Dat ervaringen onderdeel zijn in het spel der evolutie (Bewustwording) is een “noodzaak” die uiteindelijke leidt tot de neerdaling van het Allerhoogste.

Doch er komt een moment in de ontwikkeling van de ziel/jiva dat hij/zij het spel doorziet en zich af begint te vragen of er een uitgang is uit deze steeds weer terug kerende drama’s. Dat is het moment dat het Hogere Zelf/Atma in de mens langzaam, gelijk het mosterdzaadje, begint te ontkiemen en te groeien. Vanaf dat moment wordt de ziel/jiva geleid. Ze wordt dan naar gelegenheden en gebeurtenissen geleid die diepere ervaringen en inzichten brengen.

Maar alvorens dit in zijn volle omvang gebeurt, is er een “dam” die doorbroken moet worden. De dam bestaat uit egoambities, gehechtheden en identificaties met de verworvenheden in dit en vele levens daarvoor.

Vervolg volgende week.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
vul je naam in