boom

Geschreven door Diana van Doorn.

boom

Vrolijk en vrij bewoog Wit in het land van Licht. Op een zeker moment, toen de dagen nog niet geteld werden, zag zij een schaduw.Oef dacht Wit, wat is dat nu? Ze was nieuwsgierig en ging naar de schaduw toe. Maar hoe dichter zij bij de schaduw kwam hoe kleiner deze werd.De schaduw verdween en Wit keerde teleurgesteld om.

 

Ze begreep niet waarom dit gebeurde. Het nam haar zo in beslag dat ze besloot aan het Licht te vragen of die haar kon vertellen wat en wie de schaduw was.

 

Het Licht, koel en helder, luisterde welwillend naar het verhaal van Wit.“Tja”, zei het Licht, nadat Wit uit verteld was, “wat je gezien hebt was de schaduw van Zwart en die leeft in het land van de Duisternis”. Wit was onder de indruk van dit verhaal en vroeg het Licht toestemming om naar het land van de Duisternis te mogen reizen. Licht was even stil en zei: “Het kan een lange tocht worden, want waar Duisternis gelegen is weet ik niet. Je zult het gebied herkennen door de schaduwen die teweeg gebracht worden als jij Duisternis nadert. Ik geef je toestemming om te gaan,maar wees voorzichtig op de reis”.

 

Een lichte opwinding ging door Wit een bij het vooruitzicht op de komende reis en ontmoeting.Niet veel later vertrok Wit. Ze reisde door de onbegrensde gebieden waar Vader Tijd nog niet bestond. Daar ontmoette zij de Wind. Wit voelde een zachte bries door zich heen gaan en zo ontstond hun contact. Ze vroeg aan de Wind of deze wist waar het land van de Duisternis was. Wind moest even nadenken en zei: “Zo ik draai is mijn richting, klim maar in mijn holle wang dan blaas ik je er naar toe”.

Wit kroop in de geopende mond van Wind en nestelde zich in de holle wang.Wind begon de rond te draaien en zijn wangen werden bol en met één krachtige windstoot werd Wit in het land van Duisternis geblazen.

 

Donker, warm en stil was het in Duisternis.Zwart ontwaakte uit zijn sluimering door de krachtige windstoot die in Duisternis werd geblazen.Toen deze windstoot was gaan liggen, zag Zwart dat Wit met de windstoot was meegekomen.Zijn slaap verdween op slag toen hij voelde hoe Wit zich zo licht en vrolijk voortbewoog.Wit voelde zich tot Zwart aangetrokken, die zo rustig en warm was.

Zwart verwelkomde haar en zei: “Op één van mijn reizen door de onbegrensde gebieden heb ik het land van Licht betreden. Toen ik jou zag overviel mij de verlegenheid om je aan te spreken. Toch heb ik je niet kunnen vergeten en ben blij je hier te zien”.

 

Door hun wederzijdse aantrekking ontstond er een innige verbondenheid.Daar Wit Licht kon geven en Zwart duisternis in zich droeg ontstonden er krachtige trillingen, waaruit klanken werden voortgebracht.Deze klanken verschilden in tonen die ieder een kleur voortbrachten. Het samenspel van tonen en kleuren was mooi om te horen en te zien.De Wind die op een zeker moment voorbij kwam hield zij ademwind in bij dit prachtige schouwspel en was geroerd door zoveel schoonheid.Wit en Zwart verwelkomden  Wind. Zij waren blij hem te zien en bedankten hem alsnog voor zijn aandeel voor het brengen van Wit naar Duisternis.De Wind vertelde hen over zijn reizen door de onbegrensde gebieden.Onlangs was hij in een gebied geweest waar vele vormen van planten,dieren en mensen woonden, die een saai en kleurloos bestaan hadden.Die vormen kunnen wel wat kleur en klank gebruiken, was zijn conclusie.

 

Wit kreeg door zijn verhaal een lichtende ingeving en opperde: “We kunnen daar toch naar toe gaan en met jou daar wat leven in de brouwerij brengen”.“Hmm” zei Wind, en verzonk in windstilte.Toen haalde hij een diepe ademwind en sprak: “Dat zou wel kunnen,maar het brengt ook gevaren met zich mee. Jullie kunnen verstrikt raken in die vormen en dan zal het klank- en kleurenspel verloren gaan”.Zwart zei: “Maar dan kun jij toch met je windstoten ons weer bevrijden?”“Ah, natuurlijk”, zei Wind, “dat is een goed idee. Met jullie spel en mijn windstoten zal er geen probleem zijn, mochten jullie gevangen worden in de vormen”.

Zo kwamen zij tot overeenstemming. Zwart en Wit klommen in de holle wangen van Wind en samen reisden zij naar het gebied van de Vormen.Daar aangekomen blies  Wind Wit en Zwart uit in alle vormen.

En zie, klanken en kleuren werden gehoord en gezien door alle bewoners van de vormen die woonden bij Moeder Gaia. Zij is de behoedster van alle vormen en onderhoudt hen. En zo nam iedereen van Gaia die klank en kleur waarbij men zich goed voelde.Alle saai- en grauwheid verdween.

Maar daar verscheen ineens Vader Tijd. “Wat zijn jullie hier aan het doen”, vroeg hij met een strenge stem.Een beetje beduusd keken zij hem aan. “Jullie denken toch niet dat je hier vrij spel hebt in mijn gebied”, sprak hij nogmaals. “Hier heeft alles zijn grenzen en is gebonden aan de tijd van uren,dagen, nachten en de seizoenen. Daardoor is allesgeregeld aan mijn Tijd.”

“Ach Vader Tijd”, sprak Wit met een liefelijke stem, ”kijk hoe blij  alles nu is en uw gebied is veel mooier geworden door ons samenspel”. Dat kon Vader Tijd niet ontkennen, maar zei dat hij daarover niet kon beslissen.“Jullie zullen eerst toestemming moeten vragen aan Zon. Deze is de baas en heeft macht over de Ruimte.”, sprak hij.

“Maar hoe reizen we naar Zon, die is toch veel te heet?”, opperde Zwart.Wind die altijd weer een nieuw idee inblies als het moeilijk werd kwam nu ook weer met een oplossing.“Ik kan er dichtbij komen en aan mijn vriend Zonnewind vragen of hij het verzoek kan overbrengen”.En zo vertrok Wind richting Zon.Wit en Zwart wachtten in spanning af aan de grens van het gebied van de Vormen.

 

Met een opgewonden bries kwam Wind terug. “Joepie”, woei hij, Zon heeft toestemming geven op één voorwaarde. Jullie mogen niet altijd samen zijn, want anders komt Vader Tijd in de problemen”.Zo werd er druk overlegd met Vader Tijd en Moeder Gaia die er ook bij gekomen was. Uiteindelijk werd besloten door Vader Tijd en Moeder Gaia dat Wit en Zwart hun eigen gebied kregen. Wit zou mee heersen over de dag en Zwart over de nacht.Alleen in de schemer van de vroeg morgen en de in vallende avond mochten zij elkaar ontmoeten.Zo geschiedde dit. Twee maal per dag ontmoeten zij elkaar en in hun omhelzing worden wij, die tijdelijke bewoners van de vormen zijn, kleur en klank het sterkst gewaar.

 

En Wind……..wel die komt en gaat zo hij draait. Warm of koud, hard fluitend of als een zachte bries. Soms wordt hij een orkaan, die de vormen doet schudden of omvallen. Want als de klanken en kleuren vast komen te zitten en het spel verstart, worden zij door Wind bevrijd.Maar in de schemer van de vroege ochtend en de avond wordt hij even stil, zodat Wit en Zwart elkaar kunnen omarmen.En opdat zij door niemand gestoord worden blaast hij er met een knipoog wat wolken voor.

 

Copyright Diana van Doorn

10 REACTIES

  1. Jeeetje het voelde net als of ik daar was…ik werd emotioneel van ..ik liet een traantje..mooi , prachtig.

    Liefs Gwintje.

  2. Gossie….daar word ik even stil van… 😉 xxx

    hier zeg ik verder niets van…. behalve dit ; MOOI 🙂

    liefs, Henriëtte xxx 😉

  3. Wow, wat een mooi verhaal weer Diana!
    Heb je deze ook zelf geschreven?
    Ik heb het in ieder geval met veel plezier gelezen, dank je wel…..

    liefs sabine

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
vul je naam in